Saltar para: Post [1], Pesquisa e Arquivos [2]



Piet Römer, Gustav Leonhardt en Rudi van Dantzig overleden

Terça-feira, 14.02.12

Piet Römer

 

Römer werd op 2 april 1928 te Amsterdam geboren als zoon van Hendrik Dirk Römer (1885-1947) en Maria Catharina Sino (1890-1967). Hij had een eeneiige tweelingbroer, Paul. Als 14-jarige ging hij van school. Hij werkte als kolenboer en volgde een tijd later tegelijk de toneelschool die hij echter na drie maanden al vaarwel zei. Maar hij wilde vanaf dat moment wél aan de slag als acteur en dat lukte. In 1952 kreeg hij zijn eerste toneelrol bij "De Witte Vogel" van Rolf Petersen. Vanaf 1973 werkte hij als freelanceacteur op het toneel, bij de film en op televisie.

Sinds 1956 speelde Römer in verschillende televisieseries en een twintigtal films en in meer dan zestig theaterproducties. In 1971 werd hij onderscheiden met de 'Arlecchino' voor zijn rol in Bloesem van seringen brengt herinneringen. Hij werd bekend in de jaren zestig met de series Stiefbeen en zoon en 't Schaep met de 5 pooten. Beide series werden beloond met de Televizierring. In 1969 en 1970 beklom hij met liedjes uit de tv-serie 't Schaep met de 5 pooten, samen met Adèle Bloemendaal en Leen Jongewaard de nationale hitlijsten. De hits We Benne Op De Wereld Om Mekaar Te Helpen, Niewaar?, Het Zal Je Kind Maar Wezen en Als Je Mekaar Niet Meer Vertrouwen Kan waren immens populair onder de Nederlandse bevolking.

Römer presenteerde later nog het jeugdprogramma 't Spant Erom.

Zijn bekendste rol naast Baantjer was als Hoofdpiet bij de intocht van Sinterklaas. Deze rol speelde hij zestien novembermaanden achtereen. In 1984 kreeg hij een conflict met de toenmalige producer Aart Staartjes omdat zijn kleinzoon niet mee mocht als Piet. Ook vond hij het zwart schminken van zijn oren nooit prettig. Hierop besloot hij om na zestien november- en decembermaanden op te stappen. Zijn rol werd dat jaar overgenomen door Frits Lambrechts bij de intocht op Terschelling.

De filmwereld was niet zijn wereld. Römer vond dat mensen daar behandeld worden als gebruiksvoorwerpen: "Eerst word je in de watten gelegd en later laten ze je net zo hard weer vallen." Zijn voorliefde ging uit naar het theater, omdat hij daar naar eigen zeggen alles in eigen hand had.

Römer werd in 1963 bekend als Dirk Stiefbeen, naast Rien van Nunen als vader Stiefbeen, in de populaire televisieserie Stiefbeen en zoon. Het succes werd gevolgd door een groot aantal rollen voor film en televisie en in het theater. Vanaf 1995 tot 2006 speelde hij Jurriaan de Cock (met C. O. C. K.) in de televisiereeks Baantjer. Römer won als enige in Nederland drie maal de Gouden Televizier-Ring.

In 2007 ontving Römer het ereburgerschap van Amsterdam en het hierbij behorende ereteken van verdienste. Tevens ontving hij de Bronzen Legpenning, omdat hij in zijn rol als de Amsterdamse rechercheur De Cock het imago van de Amsterdamse politie zo veel goed heeft gedaan.[1]

Tussen eind 2010 en begin 2011 lag Römer zeven weken lang in het ziekenhuis met een zware longontsteking. Een deel van deze periode lag hij in coma. Op 17 januari 2012 overleed Piet Römer op 83-jarige leeftijd in zijn slaap.Hij werd op 23 januari 2012 begraven op begraafplaats Zorgvlied te Amsterdam.

Gustav Leonhardt

 

 

Na zijn eerste muziekstudies in Nederland trok Gustav Leonhardt naar de Scola Cantorum Basiliensis in Bazel en studeerde er van 1947 tot 1950 orgel, klavecimbel en muziekwetenschap bij Eduard Müller. Hij vertrok vervolgens naar Wenen en realiseerde er zijn eerste plaatopname, met Die Kunst der Fuge. In 1955 werd hij docent klavecimbel aan het Conservatorium van Amsterdam en richtte hij zijn eigen ensemble op, het Leonhardt Consort.

Hij is één van de grondleggers van de authentieke uitvoeringspraktijk en verrichtte veel pionierswerk, waarbij personen als Hans Brandts Buys en Anthon van der Horst hem waren voorgegaan. Beroemd zijn zijn talloze opnamen van klavecimbel- en orgelwerken van Johann Sebastian Bach. Talloze andere componisten uit de internationale renaissance- en barokmuziek heeft hij aan de vergetelheid ontrukt of op de voorgrond geplaatst.

Na lange jaren titularis te zijn geweest van het orgel van de Waalse Kerk, was hij sinds 1981 de organist van de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Hij gaf concerten in vrijwel alle landen van Europa en maakte tournees door de Verenigde Staten, Japan en Australië. Als dirigent leidde hij uitvoeringen van opera's van Monteverdi en Rameau. Tussen 1971 en 1990 nam hij, afwisselend met Nikolaus Harnoncourt, alle kerkcantates van Bach op, met zijn eigen Leonhardt ensemble.[2]

Hij bezorgde van de Opera Omnia van Jan Pieterszoon Sweelinck de uitgave van Band I (fantasieën en toccata's voor klavier).

In 1967 speelde hij als acteur de rol van Johann Sebastian Bach in Jean-Marie Straubs film Chronik der Anna Magdalena Bach.

In de jaren 1969-1970 bezette Leonhardt een leerstoel aan de Harvard University.

Leonhardt bewoonde sinds 1974 een deel van het Huis Bartolotti aan de Herengracht in Amsterdam.[3]

Vanaf 1965 was Leonhardt onafgebroken lid van de jury voor de driejaarlijkse internationale klavecimbelwedstrijd van het Festival Musica Antiqua in Brugge, ook nog in 2010.

In 1970-1971 stichtte hij, met aanmoediging van de platenfirma Deutsche Harmonia Mundi (DHM), het Orkest La Petite Bande, waarvan de violist Sigiswald Kuijken de dirigent werd.

Jaarlijks gaf hij ongeveer honderd concerten per jaar, meestal solo of met een klein ensemble. Daarnaast maakte hij talloze grammofoon- en cd-opnamen.

Hij heeft een studie gepubliceerd over Bachs Die Kunst der Fuge (1952).

Op 13 december 2011 kondigde Gustav Leonhardt aan dat hij zou stoppen met zijn optredens.[4] De avond voordien had hij in de zaal Bouffes du Nord in Parijs zijn laatste recital gegeven. Het belette hem niet zich beschikbaar te stellen als jurylid voor de internationale klavecimbelwedstrijd in augustus 2012 in Brugge. Die taak heeft hij niet meer kunnen vervullen, aangezien hij op 16 januari 2012 onverwachts overleed in zijn woonplaats Amsterdam.

 

Rudi van Dantzig

 

Van Dantzig werd geboren als zoon van Murk van Dantzig (1905-1992) en Berendina Hermina Homburg (1904-1980). Hij groeide op in Amsterdam. In de Tweede Wereldoorlog, toen zijn ouders hun tweede kind verwachtten, werd Van Dantzig naar een pleeggezin in Friesland gebracht. Zijn ervaringen daar vormden later het uitgangspunt van zijn roman Voor een verloren soldaat.

 

In 1950 begon Van Dantzig op de relatief late leeftijd van 16 jaar met balletlessen en in 1952 engageerde Sonia Gaskell hem bij haar gezelschap Ballet Recital. In 1955 maakte hij zijn eerste choreografie, Nachteiland, voor Het Nederlands Ballet, een gezelschap dat was ontstaan vanuit Gaskells Ballet Recital. Onder Gaskells leiding werd vervolgens Het Nationale Ballet opgericht, waar Rudi van Dantzig de huischoreograaf werd en met ingang van 1965 een van de drie artistiek leiders. In 1971 bleef hij nog als enige over en tot 1991 was Van Dantzig de enige artistiek leider van het gezelschap.

Gedurende zijn carrière creëerde hij meer dan vijftig balletten, die over de hele wereld werden uitgevoerd en nog altijd bij binnen- en buitenlandse gezelschappen op het repertoire staan. Voor de legendarische Russische danser Rudolf Noerejev maakte hij, op diens verzoek, drie balletten. Zijn choreografieën hebben vaak een verhalend en maatschappijkritisch karakter. Bij een groot deel van zijn balletten werkte Van Dantzig samen met Toer van Schayk, die verantwoordelijk was voor het ontwerp van de decors en kostuums. Tot Van Dantzigs bekendste choreografieën behoren Vier letzte Lieder, Monument voor een gestorven jongen, Onder mijne voeten en zijn versies van de avondvullende klassieke balletten Romeo en Julia en Zwanenmeer.

 

Schrijver

Nadat hij in 1981 al zijn herinneringen aan danseres Olga de Haas had gepubliceerd, verscheen in 1986 zijn roman Voor een verloren soldaat, waarin Van Dantzig zijn ervaringen tijdens de Tweede Wereldoorlog beschrijft. Het boek werd een groot succes, kreeg verscheidene prijzen (waaronder de Geertjan Lubberhuizen Prijs in 1986) en werd door Roeland Kerbosch verfilmd. In de film Voor een verloren soldaat (1992) worden de hoofdrollen gespeeld door Maarten Smit en Jeroen Krabbé. In 1993 verschenen Van Dantzigs herinneringen aan de danser Rudolf Noerejev. Het boek geeft een beeld van hun kennismaking, samenwerking en vriendschap, die duurde van 1968 tot de dood van Noerejev in 1993. Tot kort voor zijn dood werkte Van Dantzig aan meerdere boeken, waaronder zijn herinneringen aan Sonia Gaskell. Het boek, dat onvoltooid bleef, zal postuum verschijnen.

Ziekte en overlijden

Van Dantzig leed aan lymfeklier- en borstkanker. Hoewel hij daarvan genas, raakte hij verzwakt door de vele behandelingen. Dat maakte dat zijn krachten steeds meer afnamen. Hij kon in september 2011 niet meer aanwezig zijn bij het 50-jarig bestaan van het Nationale Ballet en ook bij een reprise van Vier letzte Lieder enige tijd daarna was hij niet meer aanwezig. Eind 2011 nam zijn gezondheid verder af en in januari 2012 overleed hij op 78-jarige leeftijd.

 

Bron Wikipedia

Autoria e outros dados (tags, etc)

publicado por NCBPortugal às 15:53








comentários recentes

  • Marant

    Wij zijn al open vanaf vrijdag 5 september!!

  • MARANT

    Nog gedurende deze expositie hebben we een special...

  • Karin Hulsman

    Helaas, de markt gaat morgen niet door. De volgend...

  • Bert ten Brinke

    Mooi, Leni.Dit gedicht is muzikaal vertolkt door h...

  • Anónimo

    gostei do blog

  • leni

    ocharme die non... 'k zou niet in haar plaats will...

  • marten salverda

    Vanuit Nederland onze oprechte deelneming! Sterkte...

  • Leen

    http://e-beira.com/index.php?option=com_adsmanager...

  • Leen

    http://www.facebook.com/events/283276478451184/We ...

  • NCBPortugal

    ja, inderdaad .De volgende is op 1 juli.Leni